Het schilderij ‘Het laatste Avondmaal’ van meestervervalser en Han van Meegeren uit de Deventer Collectie is vanaf oktober te zien in Museum Boijmans van Beuningen. Het is onderdeel van de nieuwe tentoonstelling ‘Boijmans in de Oorlog – Kunst in de Verwoeste Stad’ van 13 oktober 2018 tot en met 27 januari 2019. Het schilderij wordt eind september getransporteerd naar Rotterdam, waar het zal verblijven tot januari volgend jaar. Daarna is het schilderij aangevraagd voor een volgende tentoonstelling elders in Europa. Han van Meegeren werd in 1889 geboren in Deventer. 

De tentoonstelling ‘Boijmans in de Oorlog’
In het najaar van 2018 staat Museum Boijmans van Beuningen stil bij zijn eigen verleden in de Tweede Wereldoorlog en de periode vlak daarna. In een veelzijdige tentoonstelling en een nieuwe publicatie in de serie ‘Boijmans Studies’ wordt ingegaan op het reilen en zeilen van het toenmalige Museum Boymans in de oorlogsjaren, met aandacht voor de rol van directeur Dirk Hannema en de kring van verzamelaars en mecenassen rond het museum. Na het verwoestende bombardement van mei 1940 ontpopt Hannema zich als beschermer van het Rotterdamse erfgoed en zet hij zich in voor de eigentijdse kunst in de stad. Onder zijn leiding weet het museum zelfs in deze moeilijke periode talloze aanwinsten ter verwerven en organiseert het een reeks van goedbezochte tentoonstellingen. De ambitieuze museumdirecteur plooit zich daarbij soepel naar het nieuwe regime van de bezetter, reden waarom hij na de bevrijding ontslagen wordt op grond van collaboratie.

‘Het Laatste Avondmaal’ – Deventer Collectie, Vereniging De Waag
Museum Boijmans Van Beuningen vroeg het monumentale schilderij ‘Het Laatste Avondmaal’ (incl. de lijst. 210 cm hoog  x 275 cm breed) als bruikleen aan bij Deventer Verhaal, de organisatie die verantwoordelijk is voor het beheer en de presentatie van de Deventer Collectie. Vereniging De Waag kreeg dit veelbeschreven stuk in eigendom dankzij de schenking van de erven van Paul en Betty Schoemaker. Het Deventer echtpaar wilde de stad dit bijzondere werk nalaten, waarna hun kinderen de beslissing namen om de wens van hun ouders na te komen en waardoor het stuk voorgoed in Deventer kon blijven.

 De Deventer industrieel Paul Schoemaker wist het schilderij over te nemen van zijn vriend de heer J. N.A van Caldenborgh. Deze had het schilderij in 1995 gekocht op de veiling bij veilinghuis Tajan in Parijs. Het stuk was kort daarna in 1996 te zien in de Kunsthal Rotterdam bij de tentoonstelling ‘Han Van Meegeren ( 1889-1947) van (miskend) kunstenaar tot meestervervalser’. Paul Schoemaker was geboeid door het verhaal van de meestervervalser. Ooit was het schilderij eigendom van de familie van Beuningen. Het was de trots van Rotterdam toen het werd aangeschaft als één van de grootste meesterwerken van de beroemde Johannes Vermeer. Toen bekend werd dat niet Vermeer maar Van Meegeren (1941) het had gemaakt brak de grootste kunstrel in Nederland uit en raakten de stukken vervolgens in de vergetelheid. Het schilderij kwam in eigendom van de accountant van de heer Van Beuningen en bracht het in 1995 op de markt.