Elke maand schrijft onze directeur Ewout van der Horst een blog met Deventerse verhalen.
De eerste fraaie lentedag van het jaar vormt een uitgelezen moment voor een sacrale missie in de Broederenkerk: Vandaag gaat bij wijze van hoge uitzondering de reliekschrijn in de parochiekerk open om de wonderbaarlijke inhoud te onderzoeken en fotograferen. Terwijl de ochtendzon een warme lichtgloed door de kerkramen werpt, verzamelt zich een uitverkoren, klein gezelschap van betrokkenen. ‘De Heer zij met u’, klinkt het voorafgaand aan het ritueel door het rooms-katholieke gebedshuis.
Het Deventer duo Hein te Riele en Joseph Paardekoper heeft met een team van vrijwilligers de vierde zomertentoonstelling op rij in de Broederenkerk in voorbereiding. Na succesvolle edities over de heilige Nicolaas en de Hanze, prinses Eleanora van Engeland en de Deventer boekenschat, is het vanaf juni de beurt aan het thema ‘relieken’. In Deventer en omgeving zijn diverse bijzondere overblijfselen van beroemde heiligen bewaard gebleven. Achter deze relieken gaan wonderbaarlijke verhalen schuil.
De opening van de reliekschrijn begint met een moment van gebed door diaken Mark Brinkhuis. In de schrijn liggen de meest bijzondere relieken van Deventer, namelijk die van de Engelse missionaris Lebuinus en zijn helper Marcellinus, evenals van Radboud, de beroemde bisschop van Utrecht. Ook zijn er merkwaardig genoeg relieken van de Engelse abdis Mildred aanwezig, een heilige uit de zevende eeuw. Aangezien deze heiligen nog actief vereerd worden, gaat het ceremonieel met uiterst respect gepaard.
Allereerst gaat de prachtige koperen reliekschrijn van slot met behulp van een antieke sleutel. De neogotische schrijn is in 1891 gemaakt en bevat afbeeldingen van de heiligen die er hun laatste rustplaats hebben gevonden. Ooit stond de schrijn voorin de kerk vlak bij het altaar, maar tegenwoordig heeft deze een meer zichtbare plek bij de ingang gekregen. Na verwijdering van het zijpaneel, komt een eenvoudige houten kist tevoorschijn. De namen van de heiligen zijn erin gebrand. Her en der zijn sporen van eerder verbroken lakzegels zichtbaar.
Dan gaat de antieke kist open. Deze is gevuld met linnen pakketjes, voorzien van fluwelen omslagen, waarin zich de beenderen van de heiligen bevinden. Hun namen staan er in oude handschriften op vermeld. Het is toch wel bijzonder Lebuinus tevoorschijn zien te komen, zo’n 1250 jaar na zijn dood. De hele inhoud van de kist wordt zorgvuldig gefotografeerd. Uit respect voor de heiligen blijven de beenderen ingepakt. Voor een geboren protestant is het bijzonder weer eens te ervaren hoeveel tastbaarder en devoter het geloof voor rooms-katholieken is.
De kist bevat ook een ingelijst briefje uit 1696, dat in het Latijn vermeld dat de relieken van deze heiligen in deze nieuwe kist bijeen zijn gebracht. Bovendien zit er documentatie in van Titus Brandsma, de theoloog die nog enkele weken voor zijn arrestatie in 1941 de inhoud van de kist heeft bestudeerd. De antifascist liet niet veel later in concentratiekamp Dachau het leven. Vier jaar geleden is hijzelf als martelaar heiligverklaard door paus Fransiscus. Enkele secundaire relieken in bijzondere houders als een ring, mogen voorlopig buiten de kist blijven om een plek te krijgen in de tentoonstelling. De bekende heiligen keren terug in hun rustplaats. De bijeenkomst eindigt met een gezang en gebed voor de heiligen. ‘Heilige Lebuinus, bid voor ons! Heilige Marcelinus, bid voor ons! Heilige Radboud, bid voor ons!’ En wij, gewone stervelingen, zetten onze prachtige lentedag voort.