A Bridge Too Far A Bridge Too Far

Voorvechter voor vrouwenkiesrecht

18 maart 2026

Vandaag zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Deventer Verhaal staat daarom stil bij een voorvechter voor vrouwenkiesrecht: Titia van der Tuuk. Zij zette zich, met Aletta Jacobs en Elise Haighton, actief in voor het gelijke rechten.

Titia van der Tuuk (1854–1939) was schrijfster, vertaler, docent en een uitgesproken stem in het vroege feminisme. Ze werd geboren in ’t Zandt (Groningen) als dochter van predikant Nicolaus van der Tuuk en kinderboekenschrijfster Petronella Helena Clasina Lenting. Ze groeide op in de pastorie van Nieuwolda, in een intellectueel en relatief vrijzinnig milieu. Ondanks een aangeboren mankheid leidde zij er een energiek en eigenzinnig bestaan. Na het overlijden van haar vader verhuisde het gezin naar Groningen, waar Titia werd opgeleid tot onderwijzeres. Ze behaalde bovendien, grotendeels via zelfstudie, meerdere MO-aktes, een uitzonderlijke prestatie voor een vrouw in die tijd.

Titia van der Tuuk door Nienke Siegers

Haar loopbaan in het onderwijs bracht haar via Borculo en Baarn uiteindelijk naar Deventer. Daar gaf zij les aan de meisjes-ulo aan de Assenstraat, tegenover het Rondeel. In 1882 nam zij ontslag. Haar slechthorendheid speelde een rol, maar doorslaggevend was haar groeiende overtuiging dat zij als vrijdenker en lid van de vereniging De Dageraad in het onderwijs werd achtergesteld. Titia had zich inmiddels ontwikkeld tot atheïst en raakte via De Dageraad in contact met vooruitstrevende denkers en activisten als Aletta Jacobs, Carel Victor Gerritsen en Elise Haighton. In deze kring vond zij haar feministische stem.

Na haar vertrek uit het onderwijs koos Titia bewust voor het schrijverschap. Ze begon met kinderboeken, sprookjes, gedichten, toneelstukken en vertalingen en bouwde daarin een succesvol oeuvre op. Gaandeweg verbreedde zij haar werkterrein en sprak zij zich expliciet uit over vrouwelijke seksualiteit, de dubbele moraal en de maatschappelijke positie van vrouwen. Ze gaf talrijke lezingen tegen de reglementering van prostitutie en pleitte voor seksuele hervorming.

Rond 1900 sloot zij zich aan bij de Rein Leven-beweging, een radicale voorhoede van seksuele en maatschappelijke vernieuwing. Deze Tolstojaans-anarchistische kring propageerde een moraal waarin liefde vrij moest zijn van dwang en bezit, ongeacht sekse. Titia leefde volgens deze principes: vegetarisch, geheelonthouder, met dagelijkse lichaamsoefeningen, koude baden en zonnebaden, bij voorkeur in coöperatieve woonvormen. Vanaf 1897 woonde zij samen met haar partner Rose Roosegaarde Bisschop, met wie zij op verschillende plaatsen in Nederland een bestaan opbouwde.

Titia van der Tuuk overleed op 7 mei 1939 in Zeist. Als overtuigd vrijdenker en lid van de Vereeniging voor Vrijwillige Lijkverbranding werd zij gecremeerd in Westerveld, een laatste, bewuste keuze in een leven dat in het teken stond van autonomie. Haar levensverhaal laat een vrouw zien die maatschappelijke grenzen niet alleen bekritiseerde, maar actief verlegde. Ze was docent, schrijver, vrijdenker, feminist en pionier in seksuele hervorming en daarmee een van de meest vooruitstrevende stemmen van haar tijd.